Biobedrijf Hebben & Van driessche

Dirk Hebben startte zijn bedrijf in 1983, onmiddellijk na zijn studies landbouwingenieur, richting tuinbouw. In 1985 trouwde hij met Nicole, die sindsdien de tweede pijler van het jonge bedrijfje was. Geen van beiden hebben roots in het landbouwmilieu, “Helaas, want dat heeft ervoor gezorgd dat we meer leergeld hebben betaald dan het geval zou zijn geweest als we wel van boerenkomaf waren geweest”, gelooft Nicole. De boerderij begon uiterst kleinschalig: zestig are in het centrum van Poperinge. Naast groenten kweekten ze er oesterzwammen en ze hielden enkele koeien en schapen. Ze maakten gebruik van een opgelapte houten serre. De bedrijfsvoering was van meet af aan biologisch. Dirk: “Geen haar op mijn hoofd dacht eraan om een gangbaar landbouwbedrijf uit de grond te stampen. Die landbouw bestaat eigenlijk pas sinds de tweede wereldoorlog en is volgens mij gedoemd opnieuw te verdwijnen. Het is gewoon te veel gebaseerd op eindige grondstoffen, die binnen veertig à vijftig jaar uitgeput zullen zijn. Bovendien blijkt dat meer en meer bestrijdingsmiddelen niet meer werken omdat organismen resistent worden. Dat zegt genoeg.” In 1988 werd uitbreiding van het bedrijf mogelijk gemaakt door te verhuizen naar 2,5 hectare landbouwgrond buiten het centrum. Buitenteelten leken niet voldoende rendabel gezien de nog steeds wat kleine oppervlakte. Daarom bouwden Dirk en Nicole een serre van 1800 m2 en installeerden een heteluchtkachel. Ze plantten bovendien één hectare fruit aan en kweekten één hectare vollegrondsgroenten. Gaandeweg hebben ze hun aanbod beperkt. Het planten van een grote diversiteit van gewassen, het schoffelen en verkopen van kleine hoeveelheden groenten is nu eenmaal tijdrovender dan specialiseren. Een klant vinden die elke week drie paletten tomaten koopt is makkelijker dan honderd klanten vinden die elke week tien kistjes kopen.

Dirk en Nicole schuwen het experimenteren niet, zowel op gebied van teelten, maar ook van onkruidbestrijding, klimaatregeling, afzet: niets is vanzelfsprekend. Daarnaast is er aandacht voor de inspanningen op dit bedrijf om zo zuinig mogelijk met grondstoffen om te springen: opvang en recyclage van water, van organisch materiaal en voedingsstoffen,…

En het onderwerp “energie” is momenteel volop in de belangstelling: het dak van de schuur ligt al een paar jaar bedekt met fotovoltaïsche panelen, de volgende fase is in studie: windmolen? Warmtepomp? Zonneboiler?